Wat leert mijn kind in groep 5?

In groep 5 kent je kind de tafels uit het hoofd en leert het delen, ook met een rest. Het rekent met getallen tot 1000 en zet getallen onder elkaar. Bij taal gaat het om woorden die eindigen op d of t, verschillende soorten teksten en de eerste spreekbeurt. Begrijpend lezen wordt belangrijker; het leesniveau groeit naar AVI M5 en E5.

Hieronder staat per leergebied wat je kind in groep 5 leert, met de onderwerpen uit de Pin en Kei-boeken voor groep 5 (8 tot 9 jaar). Elke school gebruikt een eigen methode, dus de volgorde kan per school verschillen.

Lezen en AVI-niveau in groep 5

Halverwege groep 5 leest een kind gemiddeld op AVI M5, aan het eind op AVI E5. Meer uitleg staat in Welk AVI-niveau past bij welke groep?

Rekenen-wiskunde in groep 5

  • De prijsrol van de weegschaal: Je kent de tafels uit je hoofd, en je ontdekt twee trucjes om te controleren of een tafel klopt.
  • De deegverdeler: Je deelt met de deeltafels, en je ontdekt dat de rest je iets vertelt.
  • De meter die 's nachts doorliep: Je zet getallen onder elkaar en rekent ze per kolom uit, ook als je moet ruilen.
  • De kloktoren: Je leest op een klok met wijzers hoe laat het is: hele uren, halve uren, kwartieren en minuten.
  • De teller van de schoolmarkt: Je ziet hoe een getal tot 1000 is opgebouwd uit honderdtallen, tientallen en eenheden, en je springt met 10 en met 100.
  • Het kraampje met de knikkerbaan: Je betaalt met briefjes en munten, en je geeft geld terug door vanaf de prijs door te tellen.

Uit het boek Pin en Kei rekenen het uit – rekenboek groep 5.

Taal en lezen in groep 5

  • De letters van het marktbord: Je hoort of een woord eindigt op een d of een t, en je weet wanneer je één letter schrijft en wanneer twee.
  • De verhalenautomaat: Je herkent een sprookje, een fabel, een strip en een gedicht aan hoe ze eruitzien en hoe ze beginnen en eindigen.
  • De kabelbaan in de speeltuin: Je maakt een spreekbeurt met een begin, een midden en een eind, je kiest goede plaatjes en je oefent hem hardop.
  • Het woord dat twee dingen betekent: Je ontdekt dat één woord twee dingen kan betekenen, en hoe je met een samengesteld woord laat zien welk ding je bedoelt.
  • Het briefje in de fles: Je raadt vooraf wat er in een tekst gaat gebeuren, je stelt vragen bij wat je leest en je zoekt de antwoorden.

Uit het boek Pin en Kei en het geheim van de letters – leesboek groep 5.

Kunst en vormen in groep 5

  • Het bootje dat rondjes voer: Je ziet wanneer een vorm symmetrisch is, en je vindt de lijn waar je hem kunt spiegelen.
  • Het gat in het mozaïek: Je vindt het stukje dat in een patroon steeds terugkomt, en je maakt het patroon zelf verder af.
  • Het paaltje dat niemand zag: Je weet welke kleuren tegenover elkaar staan in de kleurcirkel, en waarom ze naast elkaar zo goed opvallen.
  • Het ontbrekende schaakstuk: Je tekent hoe iets eruitziet van voren, van opzij en van boven, en je snapt waarom je soms alle drie nodig hebt.

Uit het boek Pin en Kei en de kunst van het kijken – kunst en meetkunde groep 5.

Wereldoriëntatie in groep 5

  • De regendief: Je weet dat water vast, vloeibaar of een gas kan zijn, en hoe het water steeds rondgaat tussen de lucht en de grond.
  • De trom van de fanfare: Je weet dat geluid trilling is, en waarom iets dat niet vrij kan trillen dof klinkt.
  • De wiebeltand: Je weet wat snijtanden, hoektanden en kiezen doen, en welke weg je eten aflegt door je lichaam.
  • De muggenplaag: Je zoekt met een zoekkaart uit welk dier je voor je hebt, en je ziet hoe dieren in een voedselketen van elkaar afhangen.
  • De kuil op het plein: Je weet wie de Romeinen waren en wat zij hier bouwden, en waarom iets dieper in de grond meestal ouder is.

Uit het boek Pin en Kei ontdekken de wereld – wereldoriëntatie groep 5.

Ik en de ander in groep 5

  • Het fietsenrek van school: Je weet hoe je met een groep goede afspraken maakt, en hoe je eerlijk stemt als je het niet eens bent.
  • Het wiel van de zeepkist: Je maakt een spaarplan, en je kiest tussen iets wat je nu wilt en iets wat je later echt nodig hebt.
  • De zandloper bij de schommel: Je weet hoe je samen speelt als er maar één van iets is: om de beurt, eerlijk, en met een duidelijke afspraak over hoe lang.
  • De haaientanden bij de molen: Je weet wie er voorgaat op een kruising, en hoe je laat zien dat je afslaat.
  • De EHBO-kist van de speeltuin: Je weet hoe je een schaafwond verzorgt, en wanneer en hoe je 112 belt.

Uit het boek Pin en Kei doen het samen – boek over samenwerken, geld en verkeer, groep 5.

Zo help je je kind thuis

  • Laat je kind uitrekenen wat de boodschappen samen kosten en hoeveel je terugkrijgt.
  • Help bij een spreekbeurt met een begin, een midden en een eind, en laat je kind thuis hardop oefenen.
  • Lees samen een tekst en laat je kind vooraf raden waar hij over gaat.

Veelgestelde vragen over groep 5

Hoe help ik mijn kind met de tafels in groep 5?

Oefen kort en elke dag, en laat je kind slimme trucjes gebruiken: 9 × 6 is 10 × 6 min 6. Een verhaal waarin een tafel echt nodig is, helpt om te onthouden waarom je hem leert.

Is er in groep 5 een leesboek voor kinderen met dyslexie?

Kies een boek met korte hoofdstukken, een rustig lettertype en genoeg regelafstand. Bij elk Pin en Kei-boek staat in de productinformatie hoe het boek is opgemaakt.

Alle boeken voor groep 5 zie je bij Boeken voor groep 5. Wat leert mijn kind in groep 4? · Wat leert mijn kind in groep 6?