Wat leert mijn kind in groep 7?
In groep 7 rekent je kind met getallen tot een miljoen, met procenten, breuken met verschillende noemers en verhoudingstabellen. Bij taal leert het werkwoorden met d, t en dt schrijven, teksten samenvatten en bronnen vergelijken. Engels, geschiedenis zoals de Gouden Eeuw en het verkeersexamen staan ook op het programma. Het leesniveau groeit naar AVI M7 en E7.
Hieronder staat per leergebied wat je kind in groep 7 leert, met de onderwerpen uit de Pin en Kei-boeken voor groep 7 (10 tot 11 jaar). Elke school gebruikt een eigen methode, dus de volgorde kan per school verschillen.
Lezen en AVI-niveau in groep 7
Halverwege groep 7 leest een kind gemiddeld op AVI M7, aan het eind op AVI E7. Meer uitleg staat in Welk AVI-niveau past bij welke groep?
Rekenen-wiskunde in groep 7
- De teller van de molen: Je leest en schrijft getallen tot een miljoen, je weet wat elk cijfer waard is en je zet grote getallen op een getallenlijn.
- Het recept voor het hele dorp: Je rekent met kommagetallen en je weet wat er gebeurt als je een getal keer 10, 100 of 1000 doet, of erdoor deelt.
- De restjes van het feest: Je maakt breuken eenvoudiger en je telt breuken bij elkaar op, ook als de noemers verschillen.
- De stickers van Mol: Je weet wat procent betekent en je rekent 50%, 25% en 10% van een bedrag uit, ook als korting.
- De groene verf van het pontje: Je gebruikt een verhoudingstabel om een hoeveelheid groter of kleiner te maken, zonder dat de verhouding verandert.
- De bevroren pomp: Je leest temperaturen onder nul, je zet negatieve getallen op een getallenlijn en je rekent uit hoeveel graden het warmer of kouder wordt.
- De limonade van Kikker: Je rekent liters om naar deciliters en milliliters, en kilo's naar grammen, en je weet dat een liter water ongeveer een kilo weegt.
Uit het boek Pin en Kei rekenen groot – rekenboek groep 7.
Taal en lezen in groep 7
- Het bord van het dorpsfeest: Je schrijft werkwoorden in de tegenwoordige tijd goed: met d, t of dt.
- De dam van Bever: Je maakt van een lange tekst een korte samenvatting in een schema, met kernwoorden en pijlen.
- De slakken van Mol: Je vergelijkt bronnen: je kijkt wie iets maakte, waarom, en of je de informatie kunt vertrouwen.
- Het verhaal bij het kampvuur: Je bouwt spanning op in een verhaal: je vertelt het einde niet meteen en laat de lezer steeds meer willen weten.
- De zinnenmachine van Kikker: Je herkent drie woordsoorten: het zelfstandig naamwoord, het werkwoord en het bijvoeglijk naamwoord.
- De vos die de weg kwijt was: Je stelt jezelf voor in het Engels en je vraagt en wijst de weg met een paar vaste zinnen.
Uit het boek Pin en Kei spellen, schrijven en spreken – leesboek groep 7.
Kunst en vormen in groep 7
- De helling bij de molen: Je meet en tekent hoeken met de geodriehoek, je leest de goede schaal af en je weet wat een scherpe, rechte, stompe en gestrekte hoek is.
- De dozen van Das: Je weet wat een uitslag is, je ziet welke uitslagen een kubus worden en welke niet, en je maakt een uitslag van een prisma.
- De straat die omviel: Je tekent diepte met een horizon en een verdwijnpunt, en je weet waarom dingen die verder weg staan kleiner lijken.
- Het nieuwe plein: Je ziet welke vormen een vlak helemaal vullen zonder gaten, en je maakt patronen door te verschuiven en te spiegelen.
- Het lied voor de molen: Je maakt een eigen lied met coupletten en een refrein, je houdt een vaste maat en je laat de melodie omhoog en omlaag gaan.
Uit het boek Pin en Kei en de kunst van het maken – kunst en meetkunde groep 7.
Wereldoriëntatie in groep 7
- Licht voor het feest: Je weet dat je energie niet kunt maken, alleen omzetten, en hoe wind, water en zon stroom geven zonder dat ze opraken.
- Het rondje om de vijver: Je weet hoe je hart als een pomp het bloed rondstuurt, wat bloed doet en hoe je je hartslag meet.
- Water tegen de dijk: Je weet waarom Nederland dijken, gemalen en molens heeft, wat een polder is en wat de Deltawerken doen.
- De kist met nootmuskaat: Je weet wat de Gouden Eeuw was, hoe de handel met verre landen Nederland rijk maakte, en dat die handel niet voor iedereen goed was.
- Het zout in het zand: Je weet wat een mengsel is en hoe je stoffen weer uit elkaar haalt: met een zeef, met een magneet, door te laten bezinken, door te filtreren en door te laten verdampen.
- Het nest onder de dakgoot: Je weet wat een levenscyclus is, en je kunt de levenscyclus van een vogel, een kikker en een plant vergelijken.
Uit het boek Pin en Kei ontdekken hoe het zit – wereldoriëntatie groep 7.
Ik en de ander in groep 7
- De stemming over de speeltuin: Je weet hoe in de gemeente besluiten worden genomen: wie er mag meepraten, wie er stemt en waarom niet iedereen zomaar zelf iets mag bouwen.
- Het debat over de brug: Je onderbouwt je standpunt met argumenten, je luistert naar het tegenargument van een ander en je reageert er eerlijk op.
- Het bericht over de beek: Je herkent nepnieuws: je kijkt wie iets gemaakt heeft, wanneer en waarom, en je zoekt het na voordat je iets doorstuurt.
- De fiets van Otto: Je weet wat een veilige fiets nodig heeft en je kent de belangrijkste voorrangsregels voor het verkeersexamen.
- Het spaarpotje van Bas: Je maakt een budget: je zet je inkomsten en je uitgaven op een rij, je kiest tussen willen en nodig hebben, en je spaart voor een doel.
- De bank van opa: Je weet dat verdriet om iemand die er niet meer is normaal is, dat het in golven komt, en hoe je er voor een ander kunt zijn.
- De broek van Otto: Je weet dat je lichaam en je gevoelens veranderen als je ouder wordt, dat dat bij iedereen op een eigen tempo gaat, dat jouw lichaam van jou is en dat je erover mag praten met iemand die je vertrouwt.
Uit het boek Pin en Kei en het dorpsplein – boek over samenleven, geld en opgroeien, groep 7.
Zo help je je kind thuis
- Laat je kind kortingen uitrekenen in de winkel: hoeveel is 25% van deze prijs?
- Bespreek een nieuwsbericht samen: wie heeft het gemaakt, en hoe weet je of het klopt?
- Praat open over opgroeien en veranderingen in het lichaam, op het moment dat je kind daar vragen over heeft.
Veelgestelde vragen over groep 7
Hoe oefent mijn kind omtrek en oppervlakte in groep 7?
Laat je kind echte dingen opmeten: de tuin, een kamer of een tafel. Omtrek is de rand eromheen, oppervlakte is hoeveel ruimte erbinnen past.
Wanneer begin ik over de puberteit?
Veel kinderen krijgen in groep 7 en 8 vragen over hun lichaam. Het helpt om er rustig en gewoon over te praten voordat de veranderingen beginnen.
Alle boeken voor groep 7 zie je bij Boeken voor groep 7. Wat leert mijn kind in groep 6? · Wat leert mijn kind in groep 8?